Afstand: 20.0km (+1.0km)
Duur: 7h45 (+0h30)
Klimmen: 940m (+100m)
Dalen: 1090m (+100m)
Bergpassen: Collada de la Maiana (2427m)
Bergtoppen: Pic dels Pessons (2864m), Pic de la Maiana (2521m)
Een veeg hoge cirruswolken verhinderde de opkomende zon om de bergen weer even mooi te verkleuren. Wat later kroop ik uit de zak en kleedde me snel aan. Het was ijskoud in de snijdende wind en daarom verkoos ik om maar direct een eindje te beginnen lopen om dan opgewarmd mijn ontbijt ergens te kunnen nuttigen op een windbeschutte plek.
Het was met grote ogen rondkijken in de Circ del Pessons. Het ene prachtige meertje na het andere volgde elkaar op met het fraaie zicht van de bergwand met daarin Pic del Pessons op de achtergrond. 7 jaar eerder had ik al eens doorheen de Circ del Pessons gewandeld. Ik kon me nu moeilijk inbeelden dat ik hier toen ook gelopen had. De omgeving was nu nog zoveel mooier als toen in volle zomer. Bij een volgend meertje hield ik halt om beschut achter enkele rotsen te ontbijten en dat terwijl ik volop genoot van het uitzicht en de stilte die heerste tussen het windgeraas door. Ook al was de Pas de la Casa hier niet zo ver vandaan, ik leek wel ergens op het einde van de Pyreneeënwereld te zijn aanbeland.
Hogerop in de Circ del Pessons waren de kleinere meertjes al bevroren en op het bevroren pad toornden hier en daar vorstzuiltjes op. Maar ik merkte ook iets verontrustends op. Het pad was bekleed met sporen van motorrijders. Later zou me hier alles over duidelijk worden.
Achteraan in de Circ begon dan de lange zigzagklim naar de bergkam. De klim ging maar gestaag omhoog met veel te veel ergerende haarspeldbochten. Boven blies de stormwind het snot zo uit mijn neusgaten. Ik bezocht nog de top van de Pic dels Pessons (2864m) en had nu een goed overzicht over het Vall del Madriu met vooraan het Estany de l’Illa (2510m), een stuwmeer waar het waterpijl weer een beetje te laag stond, alhoewel het nog meeviel. Ik had al veel ergere gevallen gezien.
Afdalende van de Pic dels Pessons verloor ik wat verder de route. Het pad verdween en steenmannetjes zag ik niet meer. Voor lange tijd vervolgde ik mijn eigen weg tot ik dicht bij het Estany de l’Illa was uitgekomen. Hier stootte ik langs het meer weer op de steenmannetjesroute. De stuw voorbij kwam ik aan de Refugi de l’Illa (2473m). Dit is waarschijnlijk één van de grootste onbemande hutten in de hele Pyreneeën. Nieuwsgierig ging ik binnen eens een kijkje nemen, overnachtingplek voor goed 250 man.
Voort liep de route nu geleidelijk zakkend kronkelend tussendoor de eerste naaldboompjes en zo kwam ik lager op een vlakte uit in de bodem van de vallei. Hier hield ik de middagpauze. Voor de rest van de namiddag liep ik verder langzaam hoogte verliezend doorheen het dal met meer en meer dichter naaldbos.
Het plan was om vrijwel heel het dal door te lopen, maar door het dichte naaldbos werd het al gauw een saaie bedoening en dat deed me beslissen om nog voor halfweg in het dal links af te slaan op een route die me naar de Collada de la Maiana (2427m) leidde. Zo passeerde ik nog een hele kudde paarden en klom dan over de steenmannetjesroute omhoog. Hogerop net boven de boomgrens kwam ik op de col uit waarachter een open hoogvlakte volgde met nog meer grazende paarden. Na even als zijsprongetje de Pic de la Maiana (2521m) beklommen te hebben vervolgde ik over de vlakte tussen de paarden, daalde dan over een vage route verder tot ik aan de Refugi de Perafita (2200m) uitkwam beneden in de gelijknamige vallei.
Het onbemande hutje biedt slechts plek voor een 8-tal personen. Ik trok nog wat verder de naaldbossen in en klom zo wat verder naar een rug tussen het Vall de Perafita en het Vall de Claro. Hier zou ergens het Estany de la Nou (2231m) verscholen liggen. Ik vond het meertje eerst niet en diende de kaart boven te halen om duidelijkheid te krijgen. Het pad was hier opgehouden en ik bemerkte de steenmannetjes niet meer. Uiteindelijk bleek het meer slechts een vijftig meter hoger te liggen achter een helling waar je niet dadelijk zou gaan zoeken.
Het Estany de la Nou ligt helemaal op een plaats ingebed waar je geen meertje zou verwachten, als een arendsnest boven het Vall de Perafita uit. Toen ik de omgeving verkende doken plots vier jongelui op, elk van hen op een kunstmotor, zo’n motorfiets zonder zadel ideaal om zich gemakkelijk doorheen het rotsige berglandschap te begeven. Nu werd me meteen duidelijk van waar al die motorsporen die ik al heel de dag tegen kwam, nu vandaan kwamen. Ze gaapten me aan alsof ik een indringer was. Ik negeerde hen, zulke fauna en flora verwoesters horen hier niet thuis. Maar ja, dat is nu misschien eenmaal eigen aan het mondaine Andorra.
Ik koos mijn bivakplek uit tussen de naaldbomen aan de zuidpunt van het meer en sliep weer onder de blote hemel in de bivakzak. Gelukkig viel het hier redelijk mee met de wind. Het meertje lag namelijk toch redelijk in een kom ingebed. Lang duurde het niet voor ik in slaap viel.










Recent Comments