Afstand: 7.5km
Duur: 3h45
Klimmen: 140m
Dalen: 440m
’s Nachts werd ik iets over middernacht wakker. Het waaide behoorlijk en ik hoorde fijne ritselingen. Ik voelde ook iets tegen mijn bivakzak liggen. Ik keek even naar buiten en zag dat het goed aan het sneeuwen was. Een hoop sneeuw lag opeen geblazen tegen mijn bivakzak onder de tarp. Later in de nacht werd ik meermaals wakker door het gewicht dat op me rustte. De sneeuw hoopte zo fel op onder mijn tarp dat ik met bivakzak en al insneeuwde. Ik maakte van de wakkere momenten gebruik om telkens al de sneeuw van me af te schudden en het muskietennetje weer luchtvrij te maken. ’s Ochtends bleef het maar doorsneeuwen. Het was ondertussen een heuse sneeuwstorm geworden. De wind ging fel te keer en sneeuw bleef zich ophopen onder de tarp. Meteen toch een groot nadeel ontdekt omtrent het tarpen in winterse omstandigheden. Bij sneeuw in ‘t vervolg de tarp in zijn zakje laten. Ik had geen goesting om meteen te vertrekken in deze toestand en wachtte af. Zo sliep ik half verder tijdens de voormiddag. Maar naar de middag toe werd ik toch gedwongen om iets te ondernemen. Ik lag helemaal ingesneeuwd in mijn bivakzak en als ik zo nog lang bleef liggen lag ik misschien over een half uur helemaal bedolven en kon ik misschien niet meer gemakkelijk onder de sneeuw onderuit geraken. Maar hoe geraak je nu buiten in je kleren en schoenen als het buiten stormt, hevig sneeuwt en je dan nog eens onder een berg sneeuw ligt? Ik probeerde me aan te kleden in mijn bivakzak door eerst uit mijn slaapzak te kruipen en dan mijn kleren proberen aan frummelen. Dat lukte. Dan ritste ik mijn bivakzak open en begon de zoektocht in de sneeuwhoop naar mijn schoenen die ik buiten had laten liggen. Gelukkig zaten ze niet vol sneeuw. Wanneer ik dan in mijn schoenen recht naast de tarp stond verscheen een dikke smile op mijn gezicht. Een prachtig schouwspel was het. Hoge golven op het Estany de la
Llosa die stukken ijs tegen de oever sloegen, fijne sneeuwvlokken die aan een rotvaart horizontaal voorbij vlogen en het zicht meestal beperkten tot een dertig à veertig meter en het stenen muurtje aan mijn bivakplek dat was veranderd in een sneeuwduin van bijna een meter hoog. Mooi om mee te maken. Huppelend om geen kou te krijgen pakte ik alles in mijn rugzak in en wanneer dat klaar was vertrok ik op weg. Het ontbijt sloeg ik over. Dat zal ik straks wel ergens nuttigen als ik een plek vind beschut tegen het stormweer. Echt veel sneeuw lag er niet over het algemeen, slechts een twintig centimeter. Maar achter obstakels waren wel hoge sneeuwduinen gevormd.
Het vage paadje dat ik hier gisteren had opgemerkt was nu natuurlijk niet meer te volgen. Steenmannetjes waren eveneens niet te vinden in de sneeuw. Ik liep mijn eigen weg. Twee maal diende ik een andere route te zoeken doordat ik op een te steil stuk stootte. Een heel eind lager kwam ik dan op een grote vlakte terecht waar twee rivieren in elkaar uit
mondden. Hier merkte ik weer een pad onder de sneeuw dat ik vervolgde. En zo kwam ik niet veel verder bij een groene metalen container uit. Ik trok het noodhutje binnen en had zo de ideale plek gevonden om mijn ontbijt te nemen. Ondertussen sneeuwde het minder fel en hier en daar verscheen zelfs een stukje blauwe lucht. De middelhoge wolken leken stil te hangen door de berggolven, maar lage stratusflarden vlogen nog over.
Na het ontbijt trok ik weer verder. Lager verscheen het Estany de lEsparver (2170m) en het Lac de Bouillouses (2016m) en lag er steeds minder en minder sneeuw op de grond en was het ook gedaan met de felle wind. Het sneeuwen zelf hield ook op. Lager sloeg ik af op het pad naar de Cabane de la Balmeta (2120m) nadat een grote troep gieren overvloog. Hier kwam ik niet veel later aan. Het weer was hier wel stukken beter als dichter bij de kam met Puig Peric. De bergen bleven in de wolken en het leek me er ook te blijven doorsneeuwen. Hier aan de lijzijde losten de wolken langzaam op en begon de sneeuw op de grond te smelten. Ik trok nog even naar het Estany de la Balmeta (2047m) om dan terug te keren naar de cabane. Dan trok ik het onbemande hutje binnen en besloot om hier te overnachten. Er was een open haard aanwezig met brandhout. Snel stak ik het vuur aan en kookte mijn potje in de open haard zodat ik zelf wat esbit kon sparen. ’s Avonds trok ik dan nog even naar buiten voor een avondwandeling. Het was stil buiten.
De wolkenmuur bleef over de bergkam van Puig Peric hangen terwijl boven me de blauwe lucht overheerste. Een familie herten was uit hun schuilplek tevoorschijn gekomen en vluchtte maar aarzelend voor me weg. Ik trok nog een stukje de flank van Puig del Pam op, keek nog wat rond en ging dan weer terug naar de cabane. Het vuur smeulde na en ik kroop mijn slaapzak in met reeds hoge verwachtingen voor morgen. Morgen ging ongetwijfeld een schitterende dag worden.










