Lawinenlagebericht vom Donnerstag, den 14.02.2008, um 07:30 Uhr für Tirol
Überwiegend günstige Tourenverhältnisse
Lawinegefahr Kitzbuheler Alpen: Gering (1/5)
Beurteilung der Lawinengefahr
In den Tiroler Tourengebieten herrschen überwiegend günstige Tourenverhältnisse. Die Lawinengefahr ist unterhalb von etwa 2000m zumeist schon gering, oberhalb großteils mäßig. Gefahrenstellen liegen in sehr steilen, von Nordwest über Nord bis Nordost gerichteten Hängen oberhalb von 2000m. Eine Lawinenauslösung ist vor allem bei großer Zusatzbelastung möglich, also z. B. durch eine ganze Gruppe von Wintersportlern, die gleichzeitig in einen Hang einfährt. Etwas ungünstiger ist die Lawinensituation unverändert in den nördlichen und südlichen Ötztaler und Stubaier Alpen sowie den Tuxer und Zillertaler Alpen. Auf Grund des schlechteren Schneedeckenaufbaues können hier Lawinen auch innerhalb der Altschneedecke ausgelöst werden und daher größere Ausmaße erreichen.
Schneedeckenaufbau
Sonnseitig bildet sich an der Schneeoberfläche meist schon ein tragfähiger Harschdeckel, der tagsüber auffirnt. Typische Firnverhältnisse findet man zumeist aber nur in sehr steilen Süd- und Südosthängen unterhalb von etwa 2500m. Schattseitig sorgt die sehr trockene Luft in windberuhigten Lagen dafür, dass es immer noch trockenen, lockeren Pulverschnee gibt. In hochalpinen Lagen ist die Schneeoberfläche häufig stark vom Wind geprägt, abgewehte Flächen grenzen an triebschneegefüllte Bereiche. In den inneralpinen Regionen der nördlichen und südlichen Ötztaler und Stubaier Alpen sowie den Tuxer und Zillertaler Alpen ist unverändert der schlechte Schneedeckenaufbau zu beachten. Hier ist, bevorzugt in Höhenlagen von 1800m bis 2500m, zwischen härteren Krusten lockerer, bindungsloser Schwimmschnee eingelagert, der als Lawinengleitfläche in Betracht kommt.
Alpinwetterbericht der ZAMG-Wetterdienststelle Innsbruck
Ein kräftiges Hochdruckgebiet mit Kern über den Britischen Inseln bestimmt weiterhin das Wetter in Mitteleuropa. Am Freitag stößt über Osteuropa Kaltluft gegen Süden vor, die Tirol nur am Rande streifen wird. Auf den Bergen gibt es auch heute tiefblauen Himmel, Sonnenschein und in der Höhe für jegliche Art von Wintersport angenehme Temperaturen. Zu Mittag liegt die Nullgradgrenze um 2000m, auch der Wind ist nur eine Nebensache. Temperatur in 2000m um 0 Grad, in 3000m um -6 Grad. Höhenwind: Leichter bis mäßiger Nordostwind.
Tendenz
Unverändert günstige Tourenverhältnisse.
(Bron: www.lawine.at)
Afstand: 18.5km
Duur: 7h50
Klimmen: 1800m
Dalen: 590m
Bergtoppen: Feldalphorn (1923m), Schwaigberghorn (1990m), Breiteggern (1981m), Wildkarspitze (1961m), Breiteggspitze (1868m), Hengstkogel (1803m)
Na een nachtje autoslapen op de Duits-Oostenrijkse grens rij ik ‘s ochtends nog het laatste stukje door Tirol de Kitzbüheler Alpen in. Het weer staat alvast op stralende zonneschijn, iets wat bijna een constante zou moeten worden komende vijf dagen. Warm is het echter niet. Vanaf Hopfgarten im Brixental (622m) ligt er al sneeuw hier beneden in de dalen. Te Innerkelchsau (817m) in het Kelchsautal parkeer ik de auto vlak naast de bushalte. Er is geen ander alternatief om te parkeren en verder het dal in wordt er tol geheven op de doodlopende weg. Er ligt zo’n 30cm sneeuw in het dal, maar op plekken waar de zon goed aan kan tegen de dalwanden is hij toch hier en daar verdwenen. De nieuwsgierige bewoners van het huis aan de overkant beginnen te gapen wanneer ik mijn rugzak helemaal vertrekklaar maak. Het duurt wat langer dan gewild want verdomme, zo’n spiksplinternieuwe volumineuze winterslaapzak geraakt blijkbaar nog niet door het ondervak de rugzak in. Manlief komt buiten eens prullen aan zijn wagen alsof het niet opvalt dat hij meer naar mij loert dan naar zijn handen en vrouwlief begint de ruiten te wassen met tussendoor lange kijkpauzes. Wat later zit ze te bellen. Zeker weten dat heel het dorpje nog voor deze avond al weet dat er een Belg zijn auto aan de bushalte geparkeerd heeft staan… en goed mogelijk die Polizei ook.
Over de autoweg loop ik in nog geen vijf minuten terug naar het hoofddorp Kelchsau (790m). Hier begint de klim naar de Feldalphorn (1923m). Over een forstweg loopt het meteen zigzaggend matig omhoog afwisselend doorheen woud en almweiden. Hier en daar ligt er een ijslaag op de weg en is het oppassen geblazen. Aan de Höhenbrandalm (1305m) zitten al enkele skiërs op het terrasje van hun schnaps te genieten. Het is ondertussen aangenaam warm in de brandende zon. De alm ligt net naast de kleine lokale skipiste. Deze loop ik nu ook even op omhoog, goed langs de kant blijvend voor de skiërs, maar veel wordt er alvast niet geskied vandaag. Dat gaat een stuk vlotter dan over het nog ongeschonden zomerpad tussen de bomen. Een eind hogerop verlaat ik de skipiste en loop over een route die al plat gegleden is door tourskiërs langzaam omhoog door mooi met sneeuw bekleed naaldbos. Na een steil stukje kom ik dan aan de boomgrens terecht. De Feldalphorn (1923m) lonkt nu voor me. Ik betreed zijn noordoostgraat en loop dan over de graat verder naar de berg. Het laatste stukje naar de top kan ik niet rechtstreeks overbruggen. Dus volg ik de sporen van de tourskiërs verder door een traversée te maken langs de noordflank. En dit loopt al meteen niet zo fantastisch. Op de veel te steile helling word ik genoodzaakt mijn veel te brede sneeuwschoenen uit te doen en op de schoenen verder te traverseren. Twee maal zak ik tot bijna mijn kruis in de sneeuw weg en dien ik me met al mijn mankracht weer uit de sneeuw te sleuren. Maar dan sta ik op de noordwestgraat en loopt het over een door de wind bewerkte dunne harde sneeuwlaag moeiteloos naar de top.
Op de Feldalphorn vertrekt net een Oostenrijks bejaard koppel met hun ski’s. Twee vriendinnen houden de middagpauze aan het topkruis. Ik begin net met hetzelfde. Wanneer ze hun ski’s weer aanbinden en op weg vertrekken over de kam naar Schwaigberghorn (1990m) ben ik een paar minuten nadien ook net klaar. Ik bind mijn sneeuwschoenen aan en zet de achtervolging in. Eens kijken wat nu het snelste is als er niet lang afgedaald dient te worden, sneeuwschoenen of toerski’s? Nog voor halfweg op de kam heb ik ze al bij gebeend. Blijkbaar zijn sneeuwschoenen toch zeker niet trager, al merk ik meteen dat onze meiden hun conditie een stukje minder is dan die van mij wanneer het steiler omhoog gaat op de noordflank van Schwaigberghorn. Ik volg hen langzaam naar boven tot de top waar ik niet veel later afscheid van hen neem.
De hele namiddag wordt voorts gevuld met verder zuidwaarts lopen over de 5km lange bergkam tot op de Siedeljoch (1689m), een mooie route die ondanks veel op en af en nabij Breiteggern (1981m) wat voorzichtigheid met sneeuwcorniches, uiterst geschikt is voor sneeuwschoeners. Op de Siedeljoch wordt er dan eerst een klein stukje afgedaald om dan weer te klimmen naar de bijna ingesneeuwde Gressensteinalm (1805m). Ondertussen ben ik geen kat meer tegen gekomen en gaat de zon wat later onder. Een mooie oranje gekleurde bergkam levert dat op achter de Siedeljoch. Ik voel dat er een einde aan moet komen voor vandaag. Op sneeuwschoenen lopen vraagt zeker de eerste dag toch behoorlijk wat extra krachten. Toch zet ik nog door want ik wil persé mijn akto boven de 2000m-grens neerpoten. De laatste meters begin ik te strompelen. Als ik zo nog een uur zou verder gaan ben ik de uitputting nabij. Het is al behoorlijk donker wanneer ik op een vlakke plek op 2030m in de weidse dalnis aan de voet van de Gressenstein (2216m) mijn Akto recht zet in de sneeuw.
Thuis had ik hem voor alle zekerheid voor vertrek nog eens opgezet in de tuin. Ik realiseerde me dat het al van de GR57-tocht met Luk vorig jaar in mei geleden was dat ik nog in mijn Akto had geslapen. Ik merk dat de sneeuw nu veel losser is dan vorig jaar in het Totes Gebirge. Ik dien de sneeuw toch wat aan te stampen om alles met de zelfgemaakte houten sneeuwpiketten goed vast te zetten. Mijn sneeuwschoenen en Leki’s doen ook hun werk als verankering.
En dan is het compleet nacht buiten wanneer ik het buitenzeil achter me dicht rits en mijn gloednieuwe slaapzak in kruip. Meteen leg ik de thermometer uit en begin met de bereiding van het avondmaal. Zowel op de binnentent als de buitentent zet zich al snel een behoorlijk laagje ijskristallen neer door mijn adem en gekook. Er blaast af en toe een windje buiten en daarom had ik de ventielatiesleuven dicht geritst. Geen zin om ze weer open te zetten. Na het eten kruip ik volledig in het dons. Een laatste blik op de thermometer laat me -8°c zien. Slaapwel.










