Vrijdag 06 juli: Gjendesheim (1000m) – Gjende (984m)

Afstand: 4.5km
Duur: 1h10min
Klimmen: 80m
Dalen: 80m
Aantal mensen onderweg: 0
Aantal muggen: 84 misschien?

Overstroomde bergrivieren

Toen ik op de heenweg naar Noorwegen doorheen de hogere lagen van de troposfeer vloog zag het er al niet goed uit in de krant naast me. Mijn Noorse buurman was namelijk de krant aan het lezen en ik zag op een bladzijde grote fotootjes met huizen die omzoomd waren met woeste overstroomde bergrivieren. Het had de voorbije dagen inderdaad abnormaal hard geregend in Zuidelijk Noorwegen en voor zo ver ik maar de voorbije dagen had kunnen kijken naar de weersvooruitzichten leek er de eerste twee weken elke dag wel regen te gaan vallen met de eerste dagen niet veel bijster weer waar van te genieten viel.

Op de luchthaven nam ik de eerste beste bommeltrein naar Oslo. Daar aangekomen was het nog eventjes wachten op de bus die me naar Gjendesheim in het oosten van Jotunheimen zal brengen. Ik wachtte in de hal en herschikte even de inhoud van mijn rugzak wat heel wat ogen trok bij voorbijgangers. Daarstraks op Zaventem werd ik ook al als een verdachte beschouwd. Mijn GSM toch wel niet in mijn broekzak vergeten met het doorwandelen van de metaaldetectordeur. Heel mijn handbagage werd geïnspecteerd. Raar werd er opgekeken toen men er die twee kleine zakjes uithaalden die net in de handpalm passen. “Tja, dat zijn een tarp en bivakzak mijnheer. Dat dient om in en onder te slapen.” “Een tarp? Wat is dat voor iets?” Enfin…

Naast me in de hal kwamen twee Engelsen naast me zitten. Ze vroegen me of ik ook naar Gjendesheim ging. Toen net kwamen de twee bussen aan. De Engelsman zei me dat we de tweede bus moesten hebben waar duidelijk Valdresexpressen op stond terwijl dat niet het geval was met de eerste bus. Er stapte anders al behoorlijk wat volk op de eerste bus. Toen het dan rond het vertrekuur was ging ik toch eens naar de chauffeur van de eerste bus. Het was dus wel degelijk deze eerste bus die naar Gjendesheim reed en niet de tweede. Nog net gehaast kunnen instappen, de twee Engelsen uiteindelijk nog gehaaster. Les 1: vertrouw nooit op de uitspraken van een Engelsman.

De bus zat bomvol. We reden later doorheen de vallei van de Begna en inderdaad, de rivier was buiten haar oevers getreden. Huizen die net onder water waren gelopen, ongelooflijke stroomversnellingen die oorverdovend donderden, campings half onder water, bomen met enkel hun kruin boven water,… Wat gaan we in Jotunheimen nog meemaken met die bergrivieren?

Toen we dan bij Beitostølen aankwamen zag ik voor het eerst in de verte aan de horizon Jotunheimen liggen. Mijn haren op mijn armen rezen recht omhoog bij dat fraaie zicht. Er waren enkel maar witte bergen te zien. Er leek verdomd nog veel sneeuw te liggen. Voorbij Beitostølen klom de bus een pas over en het zicht werd alleen maar indrukwekkender, reusachtige bergmeren ingebed in een bergachtig toendradecor met geen enkele boom meer. Bij het naderen van Gjendesheim kreeg ik weer dezelfde taferelen voorgeschoteld met de Sjoa, de rivier die uit het Gjendemeer vloeit. Op de brug over de rivier leek het net alsof alles elk moment kon weggespoeld worden. Het woest kolkende water kon nog maar net onder de brug door.

Midges met gevangenisbroeken

Te Gjendesheimen (1000m) aangekomen was ik de allereerste die de berghut binnenstormde. Na me volgde de rest van de troep op de bus. Allemaal gingen ze hier overnachten. Ik was hier maar eens om rond te neuzen. Er was uiteraard geen haar op mijn lijf dat er aan dacht om me hier te gaan vervelen in al die luxe.

Terug buiten zocht ik een plek om mijn kleine sporttas te verstoppen. Deze had ik namelijk meegenomen als handbagage. Even hogerop verstopte ik de tas in de struiken en legde er een dikke steen op. Terwijl ik daar mee bezig was zag ik dan beneden aan de oever van de Sjoa die hier net uit het Gjendemeer vloeit, een man met een motorbootje. Die moest ik hebben! Zo snel ik kon stormde ik weer het pad af naar beneden voor hij weg was met zijn bootje. “Hello! I’ve got a question for you! Can you bring me to the other side of the river please?” “Sure!” En hij gebaarde me om plaats te nemen in zijn bootje. Twintig seconden later stond ik al aan de andere kant. Ik keek nog een keer om naar Gjendesheim. Dag beschaving!

GjendeHet was ondertussen al twintig voor tien in de avond. Ik vervolgde nog voor een dik uur het kleine paadje langsheen het Gjendemeer (984m) en zocht me dan een plek om te bivakkeren. Er zaten hier verdomme wel veel ambetante muggen, van die dikke exemplaren met precies poten als gevangenisbroeken uit de tekenstrips. Nochtans zouden er geen muggen in Jotunheimen zitten had ik op voorhand in verslagen gelezen. Goed, ik stelde mijn tarpje voor de eerste maal recht op een mooi arendsnest boven het meer en zorgde er daarbij voor dat het zeil goed tegen de grond aansloot. Er blies hier namelijk een vrij krachtige oostenwind en vanuit die richting zag ik in de verte regenwolken komen aanzetten. Toen ik ging slapen was de zon al onder de horizon maar het bleef opmerkelijk licht. Die nacht hoorde ik het meermaals lichtjes regenen en redelijk waaien wanneer ik eens wakker werd. Zelfs om 2 uur ’s nachts kon ik nog het uur op mijn horloge aflezen zonder het lampje te moeten gebruiken. Het bleef ’s nachts lichter dan ik had gedacht.

About

U leest het reis- en fotografie weblog van Joery Truyen. Contacteer me via joerytruyen [at] hotmail.com

Flickr

Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 Sarek 2008 

Recent Comments

    Archives