Afstand: 16.0km
Duur: 6h30
Klimmen: 630m
Dalen: 490m
Mensen: 10
Mooie liedjes duren nooit lang
Na de tweede nacht in het Uksedalen was het nog steeds stevig aan het regenen. Ik had toch een beetje kunnen slapen die nacht. Maar aan de wolken zag ik dat er eindelijk een einde aan de ellende zat aan te komen. Ik maakte me al langzaamaan klaar en rond half elf stopte het dan inderdaad met regenen. Het had dus afgezien van die enkele korte droge stukjes op zondag en maandag 68 uren bijna onophoudelijk geregend. De wolken trokken wat op en hier en daar kwam al een marginaal gaatje met blauwe hemel tevoorschijn. Ik besloot om maar meteen verder te trekken en Galdeberget (2075m) niet te beklimmen. De tweede berg die van de lijst werd geschrapt.
Ik daalde het laatste stuk van het Uksedalen uit. Hierbij verliet ik het pad dat toch een omweg maakte. Zo wandelde ik over rotsige bodem en sneeuwvelden naar de steenmannetjes in het Vesledalen. Deze vervolgde ik verder naar het noorden. Intussen klaarde het wat op en had ik een mooie terugblik op Galdeberget (2075m) die nu wel even uit de wolken kwam. Verder stak ik een vage col over en dan begon de route weer te dalen. Een eindje verderop verliet ik zo de route richting Gjendebu, stak de smalle rivier hier moeiteloos over en begon dan na de vroege middagpauze aan een korte klim over sneeuwvelden. Hier had ik nog een verassende terugblik op Gjende (984m) en de Bessegengraat in de verte. Hogerop kwam ik op een klein drassig hoogplateau uit met nog een ijsmeertje.
Eens het plateau doorkruist, klom de route weer zachtjes waarbij ik meestal over sneeuw verder liep. Een eind hogerop moest ik zo weer een brede rivier oversteken. Deze was vrij ondiep zodat dit deze keer gelukkig niet direct problemen opleverde. En dan verscheen plots het vrij uitgestrekte Snøhølsvatnet (1486m) voor me. Dit meer zag weer volledig wit van het ijs, op de smalle oever na. Aan de overkant toornden Snøholtind (2141m) en de piramidevormige Mjølkedalstind (2138m) machtig over de omgeving uit. Bij mooi weer had ik graag Snøholtind beklommen maar het begon weer donker te worden. Een grauw wolkendek schoof weer over Jotunheimen uit en niet veel later begon het weer te regenen waarbij de toppen van de bergen weer net in de wolken verdwenen. Snøholtind werd zo al de derde berg die geschrapt werd van de lijst.
Na een pauze aan de meeroever vervolgde ik mijn weg westwaarts in regen en over sneeuw langsheen het meer en kwam daarbij weer een sneeuwhoen tegen met haar jonge kuikens. Nabij de westpunt van het meer klom ik dan over dikke sneeuw naar een col. Ondertussen stopte het met regenen maar het bleef zwaar bewolkt. Na de col volgde de afdaling het Mjølkedalen in en deze ging weer meer over sneeuw dan wat anders. Zo kwam ik aan de oevers van het uitgestrekte Store Mjølkedalsvatnet (1340m) uit en hoe kon het ook anders, dit meer zat ook nog volledig dicht met ijs.
Voor een korte tijd plofte ik neer aan de oever van het meer en begon me dan te realiseren dat het best tijd was om weer stilaan een bivakplek te gaan opzoeken. Na wat op de kaart te turen kwam er niks beters in me op om gewoon naar de top van Høgbrøthøgde (1821m), de lokale berg aan het meer, te gaan en me daar op de top te leggen. Het weer was blijkbaar aan het beteren? Maar toen ik het pad verliet en langsheen de zuidflank van de berg omhoog klom zag ik al gauw dat ik ernaar kon fluiten. Over Skarvheimen waren stevige buien te zien en die dreven mijn kant op. Snel zocht ik me een bivakbare plek op de zuidflank van de berg. Deze vond ik redelijk snel langs een klein beekje en onder een sneeuwveld met een mooi panoramisch uitzicht over het Store Mjølkedalsvatnet en omgeving, maar lang duurde dit uiteraard niet. Ik had nog maar net mijn tarp recht staan of lage wolken dreven het dal door. Ik bleef net onder de wolkenbasis zodat het meer nog te zien bleef, maar enkele minuten later schoof vervolgens het gordijn echt dicht en begon het hevig te regenen en ook stevig te waaien. Ik had gelukkig nog de tijd gehad om een hoop stenen rond mijn tarp opéén te stapelen zodat ik helemaal droog bleef onder mijn zeiltje. Het duurde niet lang meer voor ik onder de wol kroop. Gedurende de hele nacht bleef het stevig door regenen en toen ik een enkele keer eens naar buiten keek zag ik een dikke mist hangen.










