Afstand: 21.0km
Duur: 8h15min
Klimmen: 600m
Dalen: 840m
Mensen: 4
Rendierstoofvlees
Die ochtend bleef het matig door regenen en hing er meestal mist. Slechts af en toe trokken de wolken even wat op en kon ik weer even het Store Mjølkedalsvatnet beneden zien liggen. Pas rond 13h00 hield het op met regenen. De lage wolken bleven. Een uurtje later was ik te been. Af en toe regende het weer lichtjes. Ik daalde weer af naar het meer en pikte de gemarkeerde route weer op. Een eind verderop begon dan de afdaling richting Eidsbugarden aan de westpunt van Bygdin (1058m). Eerst liep ik nog over enkele sneeuwvelden om dan halfweg de wilde rivier over te steken via een smalle balk. Het laatste deel van de afdaling liep over een erg modderig pad waar ik op stukken goed 30cm in de shit wegzonk.
Eidsbugarden vormt een verzameling van buitenverblijfjes, een gelijknamige private hut, eigenlijk een hotel en de DNT-hut Fondsbu. De thermometer aan deze laatste hut wees slechts 6°c aan terwijl het weer constant was beginnen regenen. Hier ging ik de bemande hut binnen en at er lekker rendierstoofvlees. Daarna trok ik weer het regenweer in en begon met de klim naar Sløtafjellet, een mooi hoog gelegen plateau dat aan de voet ligt van de meest zuidelijke 2000ders van Jotunheimen.
Mysterieuze stilte
Niet veel hoger liep ik weer constant over sneeuw, stak de wilde rivier over via een veilige sneeuwbrug en kwam dan aan het Rusteggvatnet (1372m) uit. De route liep verder over de sneeuw langs de oever, maar ik verkoos om een kortere route te nemen door een stuk over het meer te lopen, over het ijs welteverstaan. Het ijs was overal nog minstens 30cm dik dus was dit nog veilig te doen. Daarna volgde een lang stuk door een witte wereld langsheen de westelijke oever van het grote en kille Kvitevatnet (1396m). Ondertussen was het net opgehouden met regenen. Er hingen nog wel veel middelhoge wolken met wolkenflarden eronder die de toppen van Falketind (2068m) en Uranostind (2157m) vrijwel constant verborgen hielden. Het was bovendien vrijwel windstil en veel beweging was er in de wolken ook niet te zien. Die speciale mystieke sfeer hing weer over de bergen. Het bracht spontaan oude duistere songs als “Den Gjemte Sannhets Hersker”, “Raabjørn Speiler Draugheimens Skodde” en natuurlijk “Glittertind” zelf van Dimmu Borgir en daarna “Skyggedans” en “Tåkeslottet” van Satyricon in mijn hoofd. Niet moeilijk om te voelen waar deze Noorse bands hun inspiratie vandaan hielden.
Langsheen het meer kwam ik op een gegeven moment een ongeveer 5m hoge sneeuwmuur tegen welke ik op diende te klimmen. Dichter bij het meer was deze gelukkig net niet steil genoeg om voor problemen te zorgen. Vervolgens doorkruiste ik rotsig terrein tussen het Kvitevatnet (1396m) en Uradalsvatnet (1316m) om dan af te dalen naar dit laatste meer. Deze afdaling ging weer veel over sneeuw en halfweg moest ik dan de rivier komende van het Kvitevatnet oversteken. Dit zag er weer een ferme uitdaging uit. De rivier was gemiddeld een meter diep met langs de oever aan de overkant een muur van sneeuw. Enkel via een stroomversnelling kon ik de rivier oversteken en zonder behulp van mijn twee wandelstokken had ik waarschijnlijk in het water gelegen. De rotsblokken lagen net niet diep genoeg om echt nat te worden en midden in de stroomversnelling lag nog eens een grote rotsblok waar over geklauterd diende te worden. Aan de overkant was het dan treden hakken in de sneeuwmuur om erop te geraken. Na dit spannende stukje was ik al snel aan het Uradalsvatnet (1316m). Verrassend genoeg lag er nog maar voor de helft ijs op dit grote meer. Langs de westelijke oever trok ik verder, weer meestal over sneeuw.
Toen ik dan uiteindelijk aan de noordpunt van het meer aankwam net onder Uradalsbandet (1430m), de col boven het meer, was de nacht alweer net ingezet. Ik vond snel een mooie bivakplek en stelde mijn tarp hier op terwijl mistflarden van over Fleskedalsbandet naar beneden dreven en zich over het meer uitspreidden. Tegelijkertijd verscheen er ook een wolkenmuur op Uradalsbandet die niet veel later eveneens de col overstak en naar het meer uitzakte zodat ik af en toe in de mist terecht kwam. Het was pas rond middernacht dat ik weer kon gaan slapen. Ondertussen was het zicht nu constant nihil geworden en… jawel, het begon weer te regenen.










Recent Comments