Zaterdag 21 juli: Tverrbytnede (1540m) – Styggebrean (2037m)

Afstand: 22.5km (met Galdhøpiggen inbegrepen)
Duur: 13h50min (incl. ruime pauze op Galdhøpiggen)
Klimmen: 1400m
Dalen: 900m
Bergtoppen: Galdhøpiggen (2469m)
Mensen: 466 (echt waar!)

Dekselse gatenbijter

Ik sliep tijdens de ochtend nog wat verder doordat het gisteren laat was geworden. Bij de momenten dat ik wakker was zag ik lage ochtendwolken over de bergen stormen. Er was tijdelijk wind opgekomen tijdens de nacht, een nacht waarop het weer licht had gevroren. Iets voor tien uur kwam ik tevoorschijn gekropen uit mijn bivakzak. Het weer was een mirakel. Felblauwe lucht en de wolken waren volledig opgelost. Dit ging de allermooiste dag uit de tocht worden. Voor de allereerste keer (helaas was het de enige keer) haalde ik mijn zonnecrème boven! Ik ontdekte toch iets minder prettigs. In mijn kousen waren allemaal kleine gaten gebeten. Dat kon in mijn ogen enkel maar dat dekselse bergratje geweest zijn. Hij had waarschijnlijk nog nooit zo’n ideale wol gezien voor in zijn holletje. Les 2: Denk niet zomaar dat kleine diertjes je spullen met rust laten. Je stopt ze toch maar beter weg.

Een goed uur na vertrek kwam ik beneden weer in het Visdalen uit. Het pad lag aan de overkant van de rivier en het was twijfelachtig of ik ze nog gemakkelijk kon door waden. Daarom was ik naar een plek gegaan waar de rivier over een kleine vlakte weer met verscheidene armen doorheen kabbelde. Mijn gok was goed. Ik kon de armen gemakkelijk door waden zonder nat te worden.

Een bloot gat

VisdalenVoor de rest van de namiddag wandelde ik verder noordwaarts doorheen het Visdalen met vooral mooie terugblikken doorheen het dal. Na nog de middagpauze op een rots waarbij enkele ravottende lemmingen me omsingelden, kwam ik al gauw bij Spiterstulen (1104m) uit. Dit is weer zo een onaangename private berghut, een hotel eigenlijk dat net met de wagen bereikbaar is via een grindweg. De hut dient als basis om Galdhøpiggen (2469m), Noorwegens hoogste berg, te beklimmen. Op het kronkelende pad omhoog aan de overkant van de rivier was het een rij van mensen die omlaag kwamen na hun beklimming (of mislukte beklimming voor de minder gelukkigen). Maar daarnaast gingen er ook nog heel wat naar boven.

VisdalenNadat ik in de hut een stuk cake had gegeten vertrok ik op weg. Eerst liep het kronkelend steil naar boven over een duidelijk pad terwijl er een massa volk me kruiste. Niet veel hogerop kwam ik aan een eerste sneeuwveld. Dit was zo’n 35° steil. Een hele troep dagjesmensen stond er te gapen aan de voet van het sneeuwveld. Sommigen durfden niet omhoog en stonden te twijfelen, anderen stonden nog na te beven van hun glijpartij over de sneeuw. Wat een toestand was dat hier. Ik betrad het sneeuwveld en duwde me met behulp van mijn wandelstokken omhoog. Maar ik moest constant uitkijken omhoog of er geen zot tegen razende vaart naar beneden kwam gesjeesd. De helft van de mensen deed het in hun broek op weg naar beneden, aanhoudend gleden mensen uit (velen hadden geen geschikt schoeisel aan) en dan waren er zotten die niets anders konden bedenken om op hun jas of gewoon op hun gat naar beneden te glijden. En daar was de helling eigenlijk te steil voor. Niet veel later heb ik dan een serieuze zucht geslagen. Nadat ik weer moest uitwijken voor zo een zot die paniekerig naar beneden gleed omdat hij de controle verloor, gleed hij regelrecht onderaan van het sneeuwveld op de rotsen. Toen hij pijnlijk recht stond zag iedereen zijn blote achterkant. Zijn broek was gescheurd. Maar ok, hij mocht van geluk spreken. Hij kon evengoed iets gebroken hebben of diepe schaafwonden hebben opgelopen.

Hogerop werd de helling minder steil, maar ging het voor het merendeel over sneeuw verder. De klim voerde nu verder naar de top van Svelnose (2272), gevolgd door Keilhaus (2355m). GaldhøpiggenDit zijn oostelijke uitlopers op de oostelijke kam van Galdhøpiggen. Vele dagjesmensen beginnen al te juichen wanneer ze bijna op deze top van Keilhaus aankomen, denkende dat ze al op Galdhøpiggen zijn. Maar dan zien ze de realiteit van op deze top. Maar velen bereiken zelfs deze top niet want het laatste stuk naar de top van Keilhaus liep overigens weer over erg steile sneeuw waarvoor ik tijdelijk mijn stijgijzers aandeed. Er lagen hier meerdere bobsleebanen in de sneeuw, uitgesleten door de dagjesmensen die hier weer op hun gat naar beneden gleden. Achter deze top liep de route dan over het bovenste gedeelte van Piggebreen verder. Ik volgde de sporen zo hoog mogelijk op deze gletsjer. Een stukje lager waren duidelijk zeer diepe crevasses aanwezig, nog bedekt door een ingezakte laag sneeuw. Er waren mensen die pal naast de crevasses liepen, waarschijnlijk het gevaar niet beseffend. Een spoor liep zelfs over een nog gesloten crevasse. Ik vroeg mezelf af hoe het toch mogelijk is dat er hier zo weinig mensen worden afgevoerd na al die toestanden onderweg.

Het dillemma op Galdhøpiggen

HurrunganeNa nog een laatste steil stuk over sneeuw, die trouwens hard was hier door de vrieskou, bereikte ik de top. De laatste dagjesmensen verlieten niet veel later de top waarbij de laatste me lief kwam vragen of ik ook niet naar beneden ging want het was volgens hem toch al erg laat. Toen ik hem antwoordde dat ik op de top ging slapen sloeg hij bijna groen uit. “Holy shit! You’re crazy man!!!” en weg was hij. Over de uitzichten weet ik niet dadelijk wat te vertellen, maar als je weet dat Galdhøpiggen voor mij het allermooiste te bieden had van alle toppen die ik beklommen had, dan weet je het wel. Heel Jotunheimen was te zien met vele megagrote gletsjers rondom de top zelf. Daarnaast Jostedalsbreen, Hardangerjökulen, Dovrefjell, Rondane,… En weer die vreemde aanblik van Glittertind (2465m) aan de overkant van het Visdalen. Hij deed me nu echt denken aan de Hohneck uit de Vogezen, maar dan zonder bomen op zijn flanken.

360° panorama Galdhøpiggen (2469m)

Top van GaldhøpiggenNa een hele tijd gapen maakte ik mijn potje avondeten klaar, beschut tegen de wind aan het stenen hutje vlak onder de top. Daarna stapelde ik me een ring van stenen op de top en installeerde er mijn matje en bivakzak al in. Ondertussen zat ik wel met een dilemma. Vanuit het zuiden waren dikke pakken cirrusbewolking komen aandrijven en in de verte was de eerste altostratus al te zien. Een regenzone naderde vanuit het zuiden en ik wou zo graag op de top overnachten. Ik bestudeerde nauwgezet de lucht. StorjuvbreanNet voor zonsondergang kwamen dan nog drie Duitsers, direct gevolgd door nog twee Noren op de top aan. Meteen verklaarden ook zij me gek toen ze mijn bivakspullen zagen liggen. Zij waren net op tijd boven voor de zonsondergang en dat was er één waar we alle zes volledig stil van werden. Lang bleven ze niet. Ook zij waren veel te licht gekleed en bibberden zich kapot van de kou.

Een half uur na dat ze weer vertrokken waren maakte ik dan toch de beslissing om mijn boeltje weer bijeen te pakken en af te dalen. Falketind en StølsnostindHet was een moeilijke situatie om in te schatten. Het leek erop dat de regenzone een schampschot ging maken en Jotunheimen net niet ging bereiken, maar ik was er verre van zeker van. En als het zou gaan beginnen regenen (sneeuwen dus hier op de top) dan geloofde ik niet dat dat vroeger ging zijn dan voor vier uur. Dat was dus rond zonsopgang. Maar waar ik meer schrik voor had was een white out. Lage wolken begonnen al de bergen over het zuidoosten van Jotunheimen te bedekken. Ik wilde afdalen over de Styggebrean, de gletsjer waarover men de berg beklimt met de gidsen vanuit de Juvasshytta. De route over de gletsjer is zo’n 1,5km lang en daarvoor had ik dus zeker goed zicht voor nodig om hier veilig over te kunnen steken. “Als je twijfelt Joery, moet je het zekere voor het onzekere nemen en afdalen,” zei ik uiteindelijk tegen mezelf en zo geschiedde.

ZonsondergangHet was nu al nacht, maar zoals altijd werd het niet echt donker. Ik daalde af over de noordoostgraat van Galdhøpiggen en kwam dan al gauw op Styggebrean terecht waar een duidelijk breed spoor op lag. Dit volgde ik dan voor erg lang met machtige terugblikken op de noordwand van Galdhøpiggen, tot ik de gletsjer over was. Op de morenewand aangekomen was het dan al kwart over twaalf ’s nachts. Aan de voet van de morene legde ik me op de stenen in mijn bivakzak en probeerde te slapen (zonder tarp). Na een poos lukte me dat ook.

About

U leest het trekking- en fotografie weblog van Joery Truyen.

Flickr

Kempisch kanaal Dessel-Schoten Netekanaal Vogezen 200812 Vogezen 200812 Vogezen 200812 Vogezen 200812 Vogezen 200812 Vogezen 200812 Vogezen 200812 Vogezen 200812 

Archives