Website

Updates, berichten, …

Paklijst

Intussen ben ik al klaar met inpakken, dus heb ik nog wat tijd om hier wat over mijn paklijst uit de doeken te doen. Mijn rugzak weegt exact 20,9kg. Omdat overgewicht pas aangerekend wordt vanaf elke hele kilo bedraagt de werkelijke bagagelimiet niet 20,0kg maar 20,9kg. In mijn handbagage neem ik al het tourbrood en de ontbijtsamenstelling mee. Daarmee zit ik wel iets boven de toegelaten 8kg. In Nanortalik zal ik nog een 2700g aan muesli, 1400g chocolade en extra koeken of tussendoortjes moeten vergaren die ik nu nog niet bij me heb. Mijn rugzak zou dan bij aanvang net over 34kg wegen. Dat is een fractie lichter dan bij de aanvang in Sarek.

Naast mijn trekkingrugzak zeul ik ook een kleine sporttas mee, net zoals ik ook door Sarek ben getrokken. Deze sporttas zal dienst doen als dagrugzak wanneer ik een halve daguitstap maak en de tarp laat recht staan. De transporthoes zal ik wellicht heel de tocht met me mee nemen om een mogelijkheid te hebben om alles volledig af te sluiten tegen hongerige poolvossen. Met mijn GSM zal ik spraakberichten opnemen en notities maken.

Onderweg is het mogelijk om in Tasiusaq en Aappilattoq vis te kopen. In beide inuitnederzettingen zou er ook een klein winkeltje zijn waar de meest noodzakelijke levensmiddelen te vinden zijn. Voor de eventuele laatste dagen zal ik opnieuw compleet moeten bevoorraden in Nanortalik. Mijn paklijst is op uitzondering van een andere slaapzak, pickel en stijgijzers, een SPOT noodzender en wat ander fotografiemateriaal, ongewijzigd in vergelijking met mijn laatste grote trekking door Sarek. Mijn paklijst heb ik online geplaatst samen met nog een bestand met efemeriden voor de Tasermiutfjord. Rest me enkel nog de woorden: “‘k Zen der mee weg. Tot eind juli!”

Hier kan je mijn voortgang uit de ontvangen SPOT-berichten volgen.

Planning

Zondag kom ik met Eurolines aan te Kopenhagen. Gezien mijn vlucht naar Groenland gecancelled is en ik pas de eerstvolgende vlucht op woensdag kan nemen, heb ik een paar dagen om Kopenhagen en een stukje Denemarken te ontdekken. Nog geen flauw idee waar ik precies ga uithangen op die verloren dagen.

Als alles goed verloopt kom ik woensdag middag aan in Nanortalik, een dorp gelegen op een klein eiland aan de basis van het Tasermiutfjord. Hier zal ik extra voedsel inslaan en nog wat praktische zaken regelen in het toerismebureau. De dag erop kan ik al op een gecharterde boot het fjord oversteken naar Tasiusaq. Tasiusaq is een echte inuitnederzetting en telt ongeveer 90 inwoners.

Tasermiut kaartDe eerstvolgende 10 dagen trek ik noordwaarts langs de kust van het Tasermiutfjord. De voornaamste obstakels onderweg zullen de vele rivieren zijn die uit de diepe valleien naar het fjord stromen. Sommigen daarvan zouden enkel te doorwaden zijn op het strand bij laagtij. Ten noorden van Klosterdalen plan ik een heen-terug route te maken. Ergens de eerste dagen van juli kom ik na een moeilijke oversteek van een col achterin de Tiningnertooq vallei bij de eindtongen van de Sermitsiaq en Sermeq gletsjers uit aan het fjordhoofd. Beide gletsjers behoren tot de meest zuidelijke afvloeiingen van de Groenlandse ijskap. De Sermeq gletsjers stroomt nog steeds tot in zee en gooit regelmatig verse ijsbergen in het fjord wanneer met een hels lawaai stukken ijs van het gletsjerfront afbreken.

Wanneer ik terug ben gekeerd naar Klosterdalen steek ik een col over om richting Kangikitsoqfjord te trekken. Aan de tip van deze fjord loop ik westwaarts om over een moeilijke col die bezaaid zou liggen met grote rotsblokken, het Qinnguadalen in te trekken. Deze vallei is uniek op Groenland en wordt ook wel eens Paradisdalen genoemd. Het is namelijk de enige plek op Groenland waar een arctisch bos te vinden is. Hier groeien bosjes berkjes en wilgen die 3-4m hoog komen.

Aan de oostpunt van Tasersuaq, het grote meer aan de monding van Qinnguadalen, zal ik de optie bekijken om een doorsteek te maken doorheen de bergen naar het zuiden. Doorheen de Itillersuaq vallei wordt vervolgens oostwaarts getrokken om na een aantal dagen Aappilattoq te bereiken. Aappilattoq is een zeer geïsoleerde inuitnederzetting die, volgens de informatie op de hikingkaart, jaarlijks van mei tot in juli afgesloten is van de buitenwereld door ijsophoping in het fjord. Het dorpje telt 220 inwoners die allen leven van de jacht op robben en visvangst.

Tot slot wordt er overwogen om via een moeilijke col de bergen weer door te steken naar het noorden zodat ik na enkele dagen weer aan de oostpunt van Tasersuaq uit kom en van hieruit is het niet ver meer terug naar Tasiusaq waar ik op 21 juli opnieuw met de boot word opgepikt.

Tijdens het slot van het avontuur hoop ik nog een driedaagse trekking te maken op Mellemlandet nabij de luchthaven van Narsarsuaq. Het laatste weekend van juli vlieg ik weer huiswaarts.

Veel mensen weten niet goed wat ze zich moeten voorstellen van Groenland. In het land van de eskimo’s ligt daar niet altijd sneeuw? Zuid-Groenland ligt op dezelfde breedtegraad als Oslo. Van een middernachtzon heb ik dus niet meteen last. Maar met Zuid-Noorwegen valt het zuiden van Groenland ook niet meteen te vergelijken. Omringd door de Atlantische Oceaan waar de koude kuststromingen de warme golfstroom ontmoeten en de nabijheid van de ijskap verder in het binnenland bepalen sterk het klimaat en weerbeeld. Momenteel drijft er nog steeds ijs langs de uitgang van de fjorden. Dit ijs zorgt ervoor dat temperaturen in het begin van de zomer nog dicht bij het vriespunt blijven langs de kust. Het weerstation van Angisoq nabij Nanortalik heb ik afgelopen weken nog geen temperatuur weten opmeten die boven 5°c is uitgekomen. Door het koelende effect van het zeewater zweven er vaak lage wolken doorheen de fjorden of hangt er een dichte mist die het vaak lastig maakt voor de helicoptervluchten om uit te vliegen tussen de Inuitnederzettingen en Narsarsuaq en dat kan ook wel eens pech inhouden voor mezelf. Het gebeurt meer dan eens dat toeristen dagenlang op hun verdere helitransport moeten wachten door hardnekkige dichte zeemist.

Verder in het binnenland verliest het koude zeewater zijn invloed. Te Narsarsuaq, de luchthaven van Zuid-Groenland, is het al zachter. Vorige week kwam de temperatuur hier boven 15°c uit. Maar anderzijds kan de nabijheid van de ijskap het hier doen spoken. Telkens er een diepe depressie oostwaarts voorbij trekt over de Atlantische Oceaan langsheen de zuidpunt van Groenland draait de wind over Zuid-Groenland van oost naar noord. Dat betekent dat er in het kielzog van de Atlantische depressie lucht van op de ijskap neerdaalt over het ijsvrije land van Zuid-Groenland. Deze lucht is, misschien verassend, erg zacht en droog. De ijskap op Zuid-Groenland ligt gemiddeld op 2000m boven zeeniveau. Er heerst nu tijdens de zomer een vrij constante temperatuur van om en bij -5°c. Wanneer deze lucht, aangezogen door de depressie, de ijskap afdaalt versnelt deze, droogt uit en warmt daarbij sterk op door de toenemende atmosfeerdruk. Je kan het vergelijken met het oppompen van een fietsband. Die staat ook warm nadat je de band hebt opgepompt. Sommigen zullen al wel kunnen raden hoe dit fenomeen heet. Jawel, de Groenlandse foehn! Nergens langs de rand van de ijskap komt hij zo vaak en zo hevig voor als op Zuid-Groenland.

Foehn te NarsarsuaqWil het toeval nu dat er voorbije dagen een foehn blies over Narsarsuaq. In de bijgevoegde figuur kan je zien wat dat opleverde. De foehn blies aanhoudend van 3u GMT afgelopen zondag en eindigde pas in de nacht naar dinsdag. Merk daarbij de bestendige noordoostenwind op die blaast aan een gemiddelde snelheid tussen 25 en 35 knopen (ongeveer 45 en 65km/u) met daarbij windpieken tot 50 knopen (91km/u). Dat bij zulke winden de heli’s ook niet de lucht in kunnen hoeft geen uitleg. In de Tasermiutfjord waar ik grotendeels langsheen het strand zal trekken haalt de foehn in de regel nog sterker uit. Wandelen en de nacht doorbrengen onder mijn tarpje zal dan erg onaangenaam zijn. De erg lage luchtvochtigheid (tussen 20 en 30%) maakt het nog extra lastig voor het lichaam. Anderzijds is de lucht tijdens zo’n situatie wel kraakzuiver waardoor het zicht uitstekend is en er fantastische foto’s zouden kunnen gemaakt worden. De kans is redelijk dat ik ook met een foehn te maken zou krijgen. Eerlijk gezegd kijk ik er naar uit ook!

Vanalles en nog wat

Fruit drogenCheck van het materiaal, batterijen voor het fototoestel opladen, sensor reinigen, lenzen kuisen, kreuken uit het windscherm kloppen, nieuwe dopjes op de leki’s om zeker te zijn dat mijn tarp straks een maand lang recht gaat kunnen staan, rekenen om aan de juiste hoeveelheden gedroogd voedsel te komen, Reiter en Adventure Food voedselverpakkingen trimmen om ruimte en gewicht uit te sparen, tussendoor nog wat lange trainingen maken op de fiets of met de loopschoenen aan en dan nog zo af en toe mijn kop laten zien op het werk… het wordt tijd dat het zaterdag is. Het droogtoestel staat nog steeds te drogen. In totaal moet ik ongeveer aan 1kg gedroogd fruit komen. Daarvoor is zo’n 10kg sappig fruit voor nodig. Nog niet echt tijd gehad dus om al meer te vertellen. Morgen probeer ik een voorbeschouwing op de trekking online te plaatsen, daarna het trekkingschema en de paklijst.

Volle melkpoeder

De voorbereidingen voor mijn eerstvolgende trekking op Groenland zijn in volle gang. Het droogtoestel staat al enkele dagen vrijwel non-stop te draaien nadat ik voorbije dinsdag bij de horecagroothandel een groot pakket fruit en noten ben gaan inslaan. Vervolgens ben ik gisteren op zoek gegaan naar volle melkpoeder en vermits dit in België voor zover ik weet niet te vinden is ben ik daarvoor naar Eindhoven in Nederland gereden. Strabrechtse HeideMeteen ook van de gelegenheid gebruik gemaakt om doorheen de heides van Noord-Brabant te fietsen, ondermeer de Strabrechtse Heide. Volgende dagen zal ik regelmatig wat vertellen over de voortgang van de voorbereidingen tot het vertrek komende zaterdag richting Kopenhagen.